abonneer nu
Het moderne leven

Dus… shoppen

Door Misja Boonzaayer op vrijdag 14 december 2018 16:30
  • ignore touch

    © colormesocks.nl

mail pinterest

Mijn dochter heeft een zekere leeftijd. Bovendien is ze mijn dóchter. En míjn dochter. Kortom: ze houdt van shoppen. Een gen dat meneer Boonzaayer ook wel goed ontwikkeld heeft trouwens, dus ik probeer mezelf in te dekken door bij voorbaat al het statement te maken dat ze het van hem heeft.

Zoon heeft het trouwens niet. Dochter in beperkte mate. Maar bij puberdochter komt het shop-gen haar bijkans de neus uit. Die heeft, om het eufemistisch uit te drukken, altijd iets te wensen. Heeft ze nét dat ene heel leuke shirtje met exact het juiste streepje – niet te dun, niet te dik – met de juiste hoeveelheid patches, dan zou ze eigenlijk heel graag nog een nieuwe boyfriend spijkerbroek willen.

En ik reageer daar steevast verkeerd op. Weet ik nog net ‘wat voor spijkerbroek?’ in te slikken, zeg ik bijvoorbeeld: ‘die heb je toch?’ (met een beetje bluf dus, want ik ben nog steeds clueless over wat een boyfriend spijkerbroek is en bid stilletjes dat het niets met een boyfriend te maken heeft). Soms heb ik mazzel, dan hangt er boven het rek spijkerbroeken een bord met luid en duidelijk ‘boyfriend spijkerbroeken’. Maar als ik dan – enige achterloosheid veinzend – een spijkerbroek uit het schap ruk, dan is die ‘dus écht niet ok he mam’. Bovendien past daar dat ene heel leuke shirtje met exact het juiste streepje – niet te dun, niet te dik – met de juiste hoeveelheid patches, natuurlijk echt niet op.

Als het op shoppen aankomt, dan is puberdochter nogal specifiek. Waardoor ik het niet in mijn hoofd haal om spontaan iets voor haar mee te nemen.

De kans dat ik dan de volgende dag bij de kassa sta te soebatten over geld terug of een tegoedbon (voorafgaand aan een uur zoeken naar het bonnetje, omdat ik altijd zeker weet dat ik hem bewaard heb, maar nooit helemaal weet waar precies) ligt tegen 100%.

Wat het meenemen van kleding voor puber beperk ik de risico’s dus maximaal. Een paar sokken, dat durf ik nog wel mee te nemen. Ik had laatst in een effectieve bui van opruimen alle single sokken weggegooid dus iedereen liep zo’n beetje de halve week op blote voeten.

Dus dat paar dat ik zag hangen, in die ene kleur die ze zo mooi vindt, dat durfde ik wel aan. ‘Lekker bezig mam, roze sokken’, zei ze. Met zo’n blik.

Ik neem dus echt nooit meer wat voor haar mee.